WW-premie bepalen met de WAB

Met de komst van de Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) komt er een einde aan de individuele sectorpremies voor Werkloosheidswet (WW). Niet de sector waarin wordt gewerkt maar het soort contract gaat de hoogte van de WW-premie bepalen.  Dit betekent dat er vanaf 1 januari 2020 alleen nog een hoog en een laag tarief voor de WW premie van toepassing zijn. Werkgevers dienen per werknemer te bepalen of het lage of het hoge premiepercentage van toepassing is. Het verschil tussen het lage premiepercentage en het hoge premiepercentage bedraagt 5%.

Lage of hoge premie van toepassing?

Het lage percentage zal gelden voor werknemers:

  • Met een schriftelijke arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd (geen oproepovereenkomst!).

Het hoge percentage zal gelden voor werknemers:

  • Met Arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd
  • Waarvan het dienstverband eindigt binnen twee maanden na aanvang.
  • Waarbij het aantal verloonde uren meer dan 30% afwijkt van de contracturen (dit geldt niet bij een arbeidsovereenkomst van 35 contracturen of meer per week!).
  • Met arbeidsovereenkomsten waarop een uitzendbeding van toepassing is.
  • In dienst op basis van vaste oproepcontracten en nul-urencontracten.
  • In dienst op basis van min-max contracten.

Er zijn een aantal uitzonderingen waarop toch het lage tarief van toepassing is!

  • Indien er geen sprake is van een vaste urenomvang, maar wel sprake is van een jaarurennorm. Voorwaarde is dat de jaaruren gelijkmatig verspreid over het jaar moeten worden uitbetaald.
  • Consignatiediensten en stand-by diensten tellen niet mee voor het bepalen van de 30% afwijking.
  • Indien sprake is van vaste uren op flexibele tijden.
  • Werknemers met een BBL overeenkomst.
  • Werknemers jonger dan 21 jaar met een beperkt aantal arbeidsuren (minder dan 48 uur per 4-weken/52 uur per maand).

De aard van de arbeidsovereenkomst moet per 1 januari 2020 vermeld worden op de loonstrook om de hoogte van de premie te bepalen. Ontbreekt deze informatie op de loonstrook, dan dient het hoge percentage te worden toegepast. De periode tot 1 januari 2020 is relatief kort, derhalve de hoogste tijd om te inventariseren op welke wijze arbeidscontracten zijn vastgelegd in de administratie en een procedure op te stellen waarin wordt vastgelegd op welke wijze vanaf 1 januari 2020 wordt omgegaan met verlengingen van arbeidscontracten. Ga tevens na bij welke medewerkers nu al een 30% overschrijding voor komt en of het aantal contracturen voor 1 januari 2020 moet worden bijgesteld.

Meer informatie

Al met al is sprake van een behoorlijk ingrijpende wetswijziging die veel werk met zich meebrengt. Wij kunnen u daarbij van dienst zijn. Met vragen neemt u contact op met Heidi Hamelinck, hhamelinck@vdvdg.nl en 071 409 04 09, van team Werkgeverszaken.